|
Home > Artikelen
Trouw - vrijdag 21 januari 2005
Het gevaar voor de ijsbeer loert aan alle kanten
Petra Sjouwerman
De jacht op ijsberen wordt geopend, kondigde Groenland
onlangs aan. Toeristen mogen ze later dit jaar gaan afschieten,
de verarmde Inuit kunnen hen daarbij gidsen. Maar onderzoekers
zijn er niet blij mee.
SPITSBERGEN - Vanuit de werkkamer van Öystein Wiig is
er uitzicht op de besneeuwde bergtoppen. In de verte klinkt het
brommende geluid van sneeuwscooters. Het Poolinstituut (NPI)
in de hoofdstad Longyearbyen (2800 inwoners) van het Noorse Spitsbergen,
ligt in een prachtige omgeving. Maar gevaarlijk is het er ook,
zoals de driehoekige verkeersborden op de uitvalswegen duidelijk
maken: 'Pas op voor ijsberen'.
Onderzoeker Wiig is niet blij met het Groenlandse initiatief
om de jacht op ijsberen weer mogelijk te maken: ,,Het mag niet
worden toegestaan zonder quota.'' Wiig loopt op geitenwollen
sokken. Iedereen moet bij de voordeur van dit instituut, net
als in andere gebouwen in de stad, de schoenen uittrekken om
de gangen niet te vervuilen met sneeuw.
De Groenlandse maatregel is een antwoord op de verandering
van het klimaat. In november 2004 waarschuwde een ACIA-rapport
(Arctic Climate Impact Assessment) dat het noordpoolgebied twee
keer zo snel opwarmt als andere gebieden. Daardoor is er minder
ijs op zee, wat bijvoorbeeld de jacht op zeehonden, die juist
op het ijs plaatsvindt, ernstig bemoeilijkt. Een aantal jagers
in Qaanaaq, Noord-West Groenland, heeft om die reden vorig najaar
al hun sledehonden moeten afmaken. Het Groenlandse zelfbestuur
rekent erop dat deze werkloze jagers nu als gids kunnen werken
voor rijke toeristen op ijsberenjacht. Maar diezelfde ijsberen
worden al ernstig bedreigd door de smeltende ijskap.
Er leven naar schatting 25000 ijsberen in het noordpoolgebied
(Groenland, Canada, Alaska, Rusland en Noorwegen). Alleen in
Canada is ijsberenjacht voor toeristen toegestaan, volgens afgesproken
quota. In Noorwegen is de ijsbeer sinds 1973 beschermd.
,,Maar precieze cijfers over aantallen ijsberen hebben we
nog niet'', zegt onderzoeker Wiig. Het verdwijnen van het ijs
noemt hij de allergrootste bedreiging voor de ijsbeer. Volgens
sommigen zou de ijsbeer, die op het ijs sneller is dan zijn prooi,
binnen honderd jaar zelfs kunnen uitsterven.
Doordat het ijs in het voorjaar een à twee weken eerder
verdwijnt en in het najaar een à twee weken later komt,
heeft de ijsbeer een kortere voedingsperiode. Het dier wordt
magerder en kan niet voldoende melk produceren voor haar jongen.
,,Wordt het vrouwtjesdier lichter dan 190 kilo, dan plant het
zich niet voort'', aldus Wiig.
Milieuvervuiling vormt een andere belangrijke bedreiging,
vooral op Spitsbergen. ,,Dat heeft te maken met de lucht- en
zeestromen, die naar Spitsbergen komen en vervuiling aanvoeren
vanuit Europa, Azië en de Verenigde Staten. Wij zitten hier
in een val'', aldus Wiig. Onder meer door deze vervuiling wordt
het immuunsysteem en het voortplantingssysteem aangetast. Dat
betekent dat Europese ijsberen gevoeliger zijn voor ziekten dan
hun soortgenoten in Noord-Amerika. Vooral bij ijsberen rond Spitsbergen
en Frans Jozef Land treft men hoge doses pcb's aan, het giftige
polychloorbifenyl dat veel in koelkasten wordt gebruikt. Maar
ook stoffen als broomhoudende vlamvertragers (pbb's), gebruikt
in mobiele telefoons en computers, zijn hier in ijsberen gevonden.
Bovendien zijn op Spitsbergen vrouwtjesijsberen aangetroffen
met een kleine penis. Niet alle onderzoekers zijn het echter
eens over de oorzaak hiervan. Volgens recent Deens onderzoek
komt dit niet door milieuvervuiling. Er zou geen sprake zijn
van een penis, maar van een opgezwollen clitoris, geïrriteerd
door te heftige ijsberenseks.
Copyright © 2004 Petra Sjouwerman. All rights reserved.
Alle rechten voorbehouden. Dit document mag niet verder worden
verspreid en verveelvoudigd zonder schriftelijke toestemming
van de auteur. Dit document kan verschillen van de gepubliceerde
versie. |